A

A

SPOA wil de ecologische en sociale kenmerken bevorderen door middel van de volgende methoden:

ESG integratie

SPOA houdt bij beleggingsbeslissingen rekening met milieu‐, sociale en bestuurlijke factoren. Bij ESG integratie spelen deze factoren een rol in het beleggingsproces bij:

  • het selecteren, monitoren en beoordelen van externe vermogensbeheerders;
  • het vaststellen van investment cases;
  • het inrichten, monitoren en aanpassen van de beleggingsportefeuille.

Onderdeel van ESG-integratie is de doelrapportage die is opgezet om de kentallen voor de

thema’s klimaat en ESG criteria in de deelportefeuille waarvoor deze kentallen beschikbaar zijn, te meten en beoordelen. Dit betreft vooralsnog de aandelenportefeuille ontwikkelde markten.

Actief beleggerschap

SPOA is een betrokken belegger. We maken actief gebruik van de rechten voor beleggers (aandeelhouders) om lange termijn waarde creatie te bevorderen in de ondernemingen waarin wordt belegd. Dit doet we door de inzet van de volgende instrumenten: Engagement, het (laten) uitoefenen van het stemrecht, en het (laten) nemen van juridische stappen (Class actions en Claims). Op deze manier oefenen we invloed uit op de strategie van de ondernemingen waarin we investeren. 

Uitsluiting

SPOA sluit investeringen in landen en ondernemingen uit die in hun bedrijfsvoering of producten en diensten in strijd zijn met internationale verdragen. Hierbij geven we de voorkeur aan Engagement boven Uitsluiting. 

Duurzaamheidsrisico’s

Op grond van Europese wetgeving( SFDR) dient een pensioenfonds aan te geven of zij de belangrijkste ongunstige effecten van beleggingsbeslissingen op duurzaamheidsfactoren meeneemt. SPOA kiest voor de opt-out mogelijkheid ten aanzien van artikel 4 van SFDR, wat betekent dat SPOA geen rekening houdt met de belangrijkste ongunstige effecten in de zin van artikel 4.

SPOA weegt verschillende ESG-criteria mee bij haar investeringsbeslissingen. Maar we wegen niet specifiek mee wat de ongunstige effecten van beleggingsbeslissingen zijn op de duurzaamheidsfactoren zoals gedefinieerd in SFDR. We hebben hiervoor de volgende redenen:

  • Allereerst hebben we gekozen voor het hanteren van bepaalde ESG-criteria als maatstaf voor impact op duurzaamheidsfactoren die aansluiten bij de visie van het pensioenfonds en beroepsvereniging en deelnemers. We volgen hierin dus niet exact de door SFDR gedefinieerde indicatoren.
  • Daarnaast geldt voor pensioenfondsen die ongunstige effecten van beleggingsbeslissingen op duurzaamheidsfactoren meewegen, dat zij ook over een groot aantal indicatoren moeten rapporteren. Het fonds is daarbij ook afhankelijk van de gegevens over ongunstige effecten die de vermogensbeheerders kunnen aanbieden. Dit zou kunnen leiden tot extra arbeidsintensieve en kostbare rapportages. Dit sluit niet aan bij de doelstelling van het pensioenfonds om de kosten die hierbij horen, te willen beheersen.

We willen eerst toetsen of we aan deze rapportageverplichtingen kunnen voldoen, voordat we ervoor kiezen om de ongunstige effecten mee te wegen in de beleggingsbeslissingen.