A

A

Voordat we de ESG scores toelichten, is het belangrijk inzicht te hebben in de wijze waarop het vermogensbeheer is georganiseerd.

  1. SPOA beheert de beleggingsportefeuille niet zelf maar heeft een aantal gespecialiseerde vermogensbeheerders aangesteld. Deze beheerders beheren delen van het vermogen. Deze zijn na een uitgebreid selectieproces gekozen op basis van tal van criteria waaronder hun expertise op het relevante terrein.
  2. Iedere vermogensbeheerder krijgt een specifiek mandaat of taakopdracht mee met een benchmark (index die dient als vergelijkingsmaatstaf) en een set van richtlijnen die de ruimte voor de vermogensbeheerder begrenzen. Onder de richtlijnen vallen ook ESG doelstellingen en begrenzingen.
  3. Een mandaat kan zowel “actief” als “passief” beheerd worden. Bij een actief mandaat heeft de aangestelde vermogensbeheerder de doelstelling om een hoger rendement te behalen dan de benchmark. Dat betekent dat de beheerder ook een bepaalde ruimte moet hebben om af te wijken van de samenstelling van de benchmark om zo een hoger rendement te behalen. Bij een passief mandaat heeft de aangestelde vermogensbeheerder de doelstelling om een vergelijkbaar rendement te behalen als de benchmark.
  4. De benchmark kan wel of niet aangepast zijn voor het ESG beleid. Een belangrijk verschil tussen actief en passief beheer is dus de mate van vrijheid die de vermogensbeheerder heeft om de portefeuille naar eigen inzicht vorm te geven. De keuze voor actief of passief baseert SPOA op objectieve criteria.
  5. Alle vermogensbeheerders, zowel actief als passief, nemen ESG overwegingen mee in hun beleggingskeuzes.
    1. Een actieve beheerder heeft een financiële doelstelling om meer rendement te behalen dan zijn benchmark. Deze beheerder zal dus bijvoorbeeld een titel onderwegen (belang verkleinen) als de financiële doelstelling in gevaar komt door ingeschatte ESG risico’s. Hij kan de titel overwegen (belang vergroten) als de beheerder verwacht dat ESG innovaties leiden tot betere financiële resultaten. Actief beleid leidt dus tot dynamische wegingen van beleggingstitels.
    2. Bij passieve mandaten bepaalt SPOA in grote mate hoe de portefeuille is samengesteld door de keuze voor de benchmark en het ESG beleid. Deze portefeuilles zijn meer statisch van karakter.
  6. De meest recente ESG aanpassing in het beleid betreft het actieve aandelenmandaat. Hierbij zijn de onderstaande ESG doelstellingen geformuleerd. Voor de toetsing wordt gebruikgemaakt van data van externe (onafhankelijke) partijen.
    1. SPOA heeft een doelstelling afgesproken van een minimaal 10% hogere overall ESG score dan de reguliere benchmark in de desbetreffende markt, een minimaal 10% hogere score in bedrijven die zich verbeteren op ESG-karakteristieken en een minimaal 10% hoger gewicht naar ondernemingen die zullen profiteren van de energietransitie.
    2. SPOA hanteert per 2022 een doelstelling van (minimaal) 50% reductie voor de CO2 intensiteit van de portefeuille versus de benchmark voor de portefeuille bij Pimco.
    3. Tevens zijn voor de bovenstaande doelstellingen additionele jaarlijkse verbeteringen opgenomen.

Onze vermogensbeheerders