De factor A is de basis voor de berekening van mogelijke pensioenaanvullingen bij een verzekeraar waarvoor de lijfrentepremies fiscaal aftrekbaar zijn.
De pensioenopbouw bij S.P.O.A. wordt veelal optimaal binnen de maximale fiscale grenzen benut. Met andere woorden: u houdt weinig tot geen fiscale ruimte over, is de ervaring!
In het geval u de resterende ruimte benut door bijvoorbeeld een lijfrentepolis bij een verzekeraar af te sluiten, zal de Belastingdienst u vragen aan te tonen dat u nog voldoende ruimte over heeft. Deze factor A-berekening kunt u als bewijsstuk met het aangifteformulier inkomstenbelasting meezenden.
Waarvoor heeft u die factor A wellicht nodig?
Uw pensioenregeling voldoet aan de fiscale voorwaarden. Dat betekent dat alles wat u krachtens de regeling aan pensioen opbouwt binnen de fiscaal toelaatbare, maximale grenzen blijft. Omdat de pensioenopbouw binnen de maximale grenzen blijft, is de premie voor die pensioenopbouw aftrekbaar.
Hoe wordt de factor A uitgerekend?
De wetgever heeft bewust voor een eenvoudige berekeningsformule gekozen, waarbij alleen de aangroei die betrekking heeft op het levenslange ouderdomspensioen in aanmerking wordt genomen. Tijdelijke vormen van pensioen, zoals prepensioen en overbruggingspensioen, blijven buiten beschouwing. Hetzelfde geldt voor het nabestaanden- en invaliditeitspensioen.
Wat is uw maximale ruimte voor pensioenopbouw?
De maximale jaarruimte die de Belastingdienst hanteert voor lijfrenteaftrek, bedraagt globaal genomen 17% van uw individuele premiegrondslag. Deze grondslag bestaat uit uw belastbaar loon en eventueel andere belastbare inkomsten uit arbeid (niet uit dienstbetrekking genoten), verminderd met de fiscale minimumfranchise. Om de nog niet benutte fiscale ruimte te berekenen dient daarvan vervolgens de voor u berekende factor A te worden afgetrokken. Een kleine doch gemakkelijke rekensom.
Uitzondering
Bij de vaststelling van factor A mag niet worden meegenomen de waardeaangroei van pensioenaanspraken, die voortkomt uit premies, betaald uit een gedeblokkeerde premiespaarregeling of spaarloonregeling. De pensioenuitvoerder kan echter bij de vaststelling van de factor A niet zien of de pensioenpremies al dan niet zijn betaald uit een gedeblokkeerde premiespaar- en/of spaarloonregeling, die u met uw werkgever bent overeengekomen. Dit betekent dat in het geval van gedeblokkeerde premies uw pensioenuitvoerder de pensioenaangroei te hoog heeft vastgesteld. U dient de Belastingdienst daarover zelf te informeren. Daarmee bereikt u immers een lagere aangroei en een grotere resterende ruimte voor een lijfrentepolis.
Een eventuele gecorrigeerde factor A?
De pensioenuitvoerder heeft de factor A-berekening gebaseerd op de thans beschikbare gegevens. Mocht in de loop van het jaar iets in deze gegevens wijzigen, dan neemt de pensioenuitvoerder het initiatief om u daarover te informeren. De Belastingdienst is ermee bekend dat dergelijke bijstellingen in de praktijk kunnen voorkomen.








