Nabestaanden- / Partnerpensioen
Nabestaandenpensioen
Het nabestaandenpensioen is een inkomensverzekering voor de eventuele partner (partnerpensioen) en kinderen (het wezenpensioen) in het geval u overlijdt. Op het jaarlijkse Uniform Pensioenoverzicht (UPO) kunt u de hoogte van het partnerpensioen en wezenpensioen vinden dat u hebt opgebouwd.
Partnerpensioen
Er zijn twee soorten nabestaandenpensioen:
1) Het pensioen dat maandelijks uitkeert aan uw partner wanneer u overlijdt vóór uw pensionering en
2) Het nabestaandenpensioen dat gaat uitkeren bij overlijden na uw pensionering.
Onder punt 1 gaat het om een verzekering: 'het risico nabestaandenpensioen'. Dit nabestaandenpensioen wordt dus niet vastgesteld op basis van een opgebouwd kapitaal en keet alleen uit bij overlijden tijdens deelnemerschap ( premiebetaling). De hoogte van de uitkering is 2850 Euro per 1000 Euro betaalde premie over het gemiddelde van de laatste 3 jaar.
N.B. Deze verzekering loopt een jaar na beëindiging deelnemerschap af en u dient keuzen te maken ten behoeve van het verzekeren van een ' nabestaandenpensioen' conform optie 2. De administratie (AZL) wil u hierbij graag van dienst zijn.
Onder punt 2: Het nabestaandenpensioen in het geval van overlijden na pensionering is wel op basis van een opgebouwde spaarpot. Op het moment dat u met pensioen gaat, kunt u kiezen voor uitruil van ouderdomspensioen en dit nabestaandenpensioen. Bij uitruil van ouderdomspensioen in nabestaandenpensioen wordt het ouderdomspensioen lager en nabestaandenpensioen hoger en vv.
Indien u gehuwd bent, of wettelijk samenwonend, heeft het pensioenfonds hiervoor schriftelijke toestemming van uw partner nodig. Dit moet worden vastgelegd in een notariële akte. Heeft u gekozen voor uitruil van het nabestaandenpensioen, dan ontvangt uw nabestaande geen uitkering als u zou komen te overlijden (na uw pensionering). Indien u op het moment van overlijden korter dan 1 jaar getrouwd bent, een geregistreerd partnerschap heeft of een gezamenlijke huishouding voert met de partner, wordt het opgebouwde partnerpensioen verminderd met 50%. Deze vermindering wordt niet toegepast, wanneer uw partner kan aantonen dat het overlijden op het moment van het huwelijk, de registratie van het partnerschap of het verlijden van de samenlevingsovereenkomst niet voorzienbaar was.
Als partner erkent het pensioenfonds:
- uw echtgeno(o)t(e);
- uw (in het bevolkingsregister) geregistreerde partner;
- de partner met wie u een notarieel vastgelegd samenlevingscontract heeft afgesloten en ten minste zes maanden samenwoont.
In de laatste situatie dient uw partner wel aangemeld te zijn bij het bestuur van het pensioenfonds.
Anw
De Algemene nabestaandenwet (Anw) voorziet in een volksverzekering voor de inkomensachteruitgang na het overlijden van de levenspartner. De dekking is slechts gedeeltelijk, tijdelijk en inkomensafhankelijk.
Uw partner kan bij uw overlijden recht hebben op een Anw-uitkering van de overheid. Dit geldt als uw partner jonger is dan 65 jaar en vóór 1 januari 1950 is geboren, of kinderen heeft die jonger zijn dan 18 jaar, of voor meer dan 45% arbeidsongeschikt is.
De Anw kent verschillende uitkeringsbedragen. De hoogte van uw uitkering hangt af van uw leefsituatie. Meestal is uw inkomen ook van invloed. De Anw-uitkering wordt maandelijks uitbetaald.
Meer informatie kunt u terugvinden op de website van de Sociale Verzekeringsbank.
Wezenpensioen
Gedurende uw deelname aan de pensioenregeling van S.P.O.A. heeft elk van uw kinderen recht op een wezenpensioen in geval van uw overlijden. Het wezenpensioen eindigt in de maand dat het kind 21 jaar wordt. De uitkering per kind bedraagt 5.700 euro per jaar (2009) indien u de basispremie betaalt van 11.400 euro. Wijkt uw premie hiervan af, dan is de gemiddelde premie die u de laatste drie volle kalenderjaren heeft betaald het uitgangspunt. Naar evenredigheid hiermee wordt het wezenpensioen aangepast. De wezenuitkering wordt verdubbeld indien beide ouders zijn overleden.
Wie geldt als kind?
Alle eigen en geadopteerde kinderen beneden de 21 vallen onder de dekking van wezenpensioen. Ook kinderen die als een eigen kind werden opgevoed en onderhouden vallen eronder. De exacte definitie leest u in artikel 12 van het reglement.








